top of page

Kinderen weten vaak meer dan wij denken

Tijdens een kinesiologiesessie met een jongetje van acht gebeurde er iets wat mij opnieuw raakte. Nog voordat we echt begonnen, zei hij: “Mijn onderbuik wordt helemaal warm en het tintelt.” Zonder dat ik iets had uitgelegd of gestuurd, voelde hij al precies waar zijn aandacht naartoe mocht.


Voor hem lagen zeven gekleurde glazen bollen. Voor de meeste volwassenen zijn het gewoon knikkers. Voor kinderen zijn het vaak veel meer dan dat. Zonder aarzeling wees hij naar de oranje bol.


“Die wil ik vasthouden.”


Dat was geen bewuste keuze. Het was een innerlijk weten.


Binnen onze manier van werken staat oranje symbool voor het gevoelsleven: emoties, creativiteit, verbinding, levensvreugde en de onderbuik. Precies de plek waar hij enkele seconden daarvoor warmte en tintelingen voelde ontstaan.


Dat is het bijzondere aan kinderen.


Ze zijn nog veel minder afgesneden van hun lichaam. Ze leven nog niet volledig vanuit hun hoofd. Ze analyseren niet eerst of iets logisch is. Ze voelen. Ze ervaren. Ze weten.


Juist daarom verloopt kinesiologie bij kinderen vaak verrassend snel. Waar volwassenen soms eerst door lagen van overtuigingen, twijfels, controle en oude patronen heen moeten bewegen, reageren kinderen veel directer. Hun systeem geeft vaak onmiddellijk aan wat aandacht nodig heeft.


Dat betekent niet dat kinderen alles kunnen uitleggen. Integendeel. Vaak hebben ze de woorden nog niet. Maar hun lichaam spreekt een taal die verrassend helder is.


Als we bereid zijn daarnaar te luisteren, ontdekken we dat een kind vaak al precies weet wat het nodig heeft.


Misschien is dat wel iets wat we als volwassenen langzaam zijn kwijtgeraakt.


We hebben geleerd om vooral te denken. Om verklaringen te zoeken. Om gevoelens te controleren. Om eerst bewijs te willen voordat we iets vertrouwen.


Kinderen doen precies het tegenovergestelde.


Ze vertrouwen eerst hun ervaring.


En pas later leren ze die soms weer te wantrouwen.


Misschien is persoonlijke ontwikkeling daarom niet alleen iets nieuws leren. Misschien is het juist het herinneren van iets wat we ooit vanzelf konden.


Voelen.


Vertrouwen.


Luisteren naar de signalen van ons lichaam.


Dat kleine jongetje herinnerde mij daar weer aan. Niet omdat hij veel kennis had, maar omdat hij nog verbonden was met iets wat bij veel volwassenen onder een dikke laag van denken verborgen is geraakt.


Misschien zijn kinderen niet minder bewust dan volwassenen.


Misschien zijn ze juist nog dichter bij hun oorspronkelijke natuur.


En misschien is dat wel de grootste les die zij ons kunnen geven: dat het lichaam vaak al lang weet wat het hoofd nog probeert te begrijpen.




 
 
 

Opmerkingen


bottom of page